
Tim Van Rabenswaaij
Vandaag sta ik hier met mijn verhaal.
Een verhaal van zoeken, van vallen en opstaan, van weggaan en weer thuiskomen.
Als kind ben ik al gedoopt. Toen werd er over mij uitgesproken dat God met mij mee zou gaan. Dat heb ik toen niet bewust ervaren, maar nu kijk ik daar anders naar.
In alles wat ik heb meegemaakt — en in alles wat mij bijna heeft gekost — geloof ik dat God mij beschermd heeft. Dat ik hier vandaag nog mag staan, zie ik als genade.
Veertien jaar geleden begon mijn herstel van verslaving. Ik werd clean en sober, maar innerlijk droeg ik lange tijd boosheid met me mee. Boosheid naar het leven, naar mijn verleden en ook naar God.
Ondanks mijn herstel bleef er een leegte. Ik bleef zoeken naar bevestiging, naar erbij horen en naar het antwoord op de vraag: ben ik wel goed genoeg?
Rond kerst kwam er een keerpunt. Door vrienden om mij heen kwam ik in een kerstdienst terecht. Daar werd het lied Ruimte gezongen. De woorden raakten mij, omdat ze precies vertelden wat er in mij leefde.
Over steeds weer te horen krijgen dat je ertoe doet, als je maar meedoet. Over de vele stemmen in mijn hoofd die mij vertelden wie ik moest zijn. En over die diepe vraag:Ben ik ooit wel goed genoeg, of moet ik altijd iets blijven bewijzen?
En toen kwam dat moment van stilte. Een moment waarin ik mocht stoppen met vechten. Waarin ik niet meer hoefde te bewijzen wie ik was.
Waarin ik mocht zeggen:
Nu word ik stil. Doe wat U wil in mij.
In dat moment mocht ik God weer ruimte geven.
Iets waar ik zo lang tegenaan had gelopen, liet ik los. Niet omdat ineens alles opgelost was, maar omdat ik niet meer alles alleen wilde dragen. Vanaf dat moment vond ik de weg terug naar de kerk. En ik ben niet meer weggegaan.
Mijn geloof gaf mij rust en richting. Waar eerst leegte zat, kwam langzaam ruimte voor Gods goedheid. Geen groot wonder in één keer, maar genezing stap voor stap.
Thuiskomen. Dichter bij Zijn hart. Vandaag sta ik hier niet omdat het moet, maar omdat ik het wil. Waar mijn doop als kind een belofte over mij was, is dit mijn bewuste keuze. Mijn antwoord. Mijn ja.
Ik kies ervoor om mijn leven aan God toe te vertrouwen — met alles wat het is geweest en met alles wat nog komt.
Ik ben dankbaar voor de mensen die mij hebben meegenomen, die naast mij zijn blijven staan en mij de weg terug hebben laten vinden.
En boven alles ben ik dankbaar voor God, die mij nooit heeft losgelaten. Ook niet toen ik boos was. Ook niet toen ik Hem niet begreep.
Vandaag begin ik niet met een perfect leven. Maar wel met een leven dat ik bewust aan Hem wil toevertrouwen.
Met ruimte.
Met vertrouwen.
En met dankbaarheid.

